Rijnvaartpolitiereglement 1995

II. Bijzondere bepalingen van toepassing op bepaalde riviergedeelten
hoofdstuk 13 Bijzondere voorschriften met betrekking tot de vaart met kanaalspitsen op het riviergedeelte Basel tot de sluizen te Iffezheim
13.01 Toepassingsgebied
1. Dit hoofdstuk is van toepassing op schepen die afmetingen hebben van niet meer dan 38,50 m lengte en 5,05 m breedte en die gewoonlijk het Rijn-Rhônekanaal bevaren.
2. Dit hoofdstuk is van toepassing op de in het eerste lid bedoelde schepen tussen Basel (Mittlere Rheinbrücke, km 166,64) en de meest benedenstrooms gelegen voorhaven van de sluizen te Iffezheim (km 335,92).
13.02 Kentekens van schepen
De bij artikel 2.01 voorgeschreven kentekens kunnen worden vervangen door die welke zijn voorgeschreven of toegestaan op het Rijn-Rhônekanaal.
13.03 Inzinkingsmerken
1. De bij artikel 2.04, eerste lid, voorgeschreven inzinkingsmerken kunnen worden vervangen door ten minste één ijkmerk of ijkplaat aan elke zijde van het schip, aangebracht ingevolge de geldende Internationale overeenkomst betreffende de meting van binnenschepen.
2. In afwijking van artikel 1.07, eerste lid, mag de inzinking van een schip niet dieper zijn dan:
a. tot de onderkant van de inzinkingsmerken dan wel van de ijkmerken of de ijkplaten;
b. tot het horizontale vlak, liggende 30 cm beneden het laagste punt waarboven het schip niet meer waterdicht is;
c. tot de bovenkant van het gangboord op zijn laagste punt.
13.04 Diepgangsschalen
Artikel 2.04, tweede lid, is niet van toepassing.
13.05 Kentekens van ankers
Artikel 2.05, eerste lid, is niet van toepassing.
13.06 Samenstelling van samenstellen
De in artikel 6.21, tweede lid, bedoelde aantekening in het certificaat van onderzoek kan worden vervangen door een getuigschrift, afgegeven door de bevoegde autoriteit.