binnenvaartwetten  
Titel
4 MEI 1999. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de vergoedingen en compensaties voor het laden en lossen van schepen uitgevoerd bij nacht, op een zondag of op een wettelijke feestdag.

Bron :
VERKEERSWEZEN
Publicatie : 05-06-1999
Inwerkingtreding : 01-07-1999
Dossiernummer : 1999-05-04/46
Inhoudstafel
Art. 1-8
Tekst
Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit worden de werkzaamheden van laden en lossen van de schepen geacht te zijn uitgevoerd :
  a) bij dag, wanneer zij plaatshebben tussen 6 en 22 uur;
  b) bij nacht, wanneer zij plaatshebben tussen 22 en 6 uur.
  Art. 2. De werkzaamheden van laden en lossen van de schepen, die inzonderheid het verhalen omvatten, worden op de werkdagen, bij dag, uitgevoerd zonder vergoeding of compensatie.
  Art. 3. Ingeval werkzaamheden hetzij bij nacht plaatshebben hetzij op een zondag of op een wettelijke feestdag, bij dag, zijn de hieronder vastgestelde vergoedingen door de afzender of de geadresseerde verschuldigd aan de bemanning van het schip :
  a) wanneer werkzaamheden bij nacht plaatshebben :

  Tonnenmaat bij de grootste inzinking                 Bedrag
     zoals blijkt uit de meetbrief
  Schepen tot en met 750 ton                  750 BEF per uur met een
                                              minimum van 3 uren
  van meer dan 750 tot en met 1600 ton        1 000 BEF per uur met een
                                              minimum van 3 uren
  van meer dan 1600 ton                       1 250 BEF per uur met een
                                              minimum van 3 uren


  b) wanneer werkzaamheden plaatshebben op een zondag of op een wettelijke feestdag, bij dag :

  Tonnenmaat bij de grootste inzinking                 Bedrag
     zoals blijkt uit de meetbrief
  Schepen tot en met 750 ton                  1 125 BEF per uur met een
                                              minimum van 3 en een
                                              maximum van 8 uren
  van meer dan 750 tot en met 1600 ton        1 500 BEF per uur met een
                                              minimum van 3 en een
                                              maximum van 8 uren
  van meer dan 1600 ton                       1 875 BEF per uur met een
                                              minimum van 3 en een
                                              maximum van 8 uren


  De in dit artikel vastgestelde vergoedingen worden in voorkomend geval samengevoegd.
  Art. 4. De vergoedingen bepaald in artikel 3 zijn aan de bemanning verschuldigd ongeacht op welke wijze het schip wordt bevracht. Die vergoedingen worden onmiddellijk na het einde van de werkzaamheden persoonlijk ter hand gesteld, voor zover de rechthebbenden om zodanige wijze van betaling verzoeken.
  Art. 5. Ingeval werkzaamheden hetzij bij nacht plaatshebben, hetzij op een zondag of op een wettelijke feestdag, bij dag, zijn de hieronder vastgestelde compensaties of vergoedingen door de afzender of de geadresseerde verschuldigd aan de vervoerondernemer :
  a) gedurende de ligtijd, een compensatie onder de vorm van verkorting met één dag van de ligtijd;
  b) gedurende de overligdagen, een vergoeding gelijk aan één dag overliggeld;
  c) gedurende de extra-overligdagen, een vergoeding gelijk aan één dag extra-overliggeld;
  d) wanneer het schip een bevrachting voor liggen uitvoert overeenkomstig de bevrachtingsovereenkomst, een vergoeding gelijk aan de helft van de dagelijkse vracht.
  De in dit artikel vastgestelde compensaties en vergoedingen worden in voorkomend geval samengevoegd.
  Art. 6. Het koninklijk besluit van 29 juli 1952 tot vaststelling van de vergoedingen en compensaties voor het laden en lossen van binnenschepen uitgevoerd 's nachts, 's zondags of op een wettelijke feestdag of gedurende meer dan acht uren, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 10 april 1963 en 26 januari 1979, wordt opgeheven.
  Art. 7. Dit besluit treedt in werking de eerste dag van de maand volgend op die gedurende welke het in het Belgisch Staatsblad is bekendgemaakt.
  Art. 8. Onze Minister van Vervoer is belast met de uitvoering van dit besluit.
  Gegeven te Brussel, 4 mei 1999.
  ALBERT
  Van Koningswege :
  De Minister van Vervoer,
  M. DAERDEN
Aanhef
   ALBERT II, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   Gelet op de wet van 5 mei 1936 op de binnenbevrachting, inzonderheid op artikel 16;
   Gelet op de wet van 21 oktober 1997 houdende vaststelling van de Nederlandse tekst van het Wetboek van Koophandel, met uitzondering van Boek I, Titel VIII en IX, van de wet van 5 mei 1936 op de binnenbevrachting, van de gecoördineerde wetten van 25 september 1946 op het gerechtelijk akkoord en van de wet van 5 juni 1928 houdende herziening van het Tucht- en Strafwetboek voor de Koopvaardij en Zeevisserij;
   Overwegende dat de Gewestregeringen zijn betrokken bij het ontwerpen van dit besluit;
   Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, vervangen door de wet van 4 juli 1989 en gewijzigd bij de wet van 4 augustus 1996;
   Gelet op de dringende noodzakelijkheid gemotiveerd door het feit dat het koninklijk besluit van 20 juli 1998 houdende invoering van de vrije bevrachting en de vrije prijsvorming in de sector nationaal en internationaal goederenvervoer over de binnenwateren op 30 november 1998 in werking trad, zodat de liberalisering vanaf die datum toepasselijk werd in de Binnenvaart en het derhalve absoluut noodzakelijk is, ter vrijwaring van de economische belangen van de binnenvaartsector, zo snel mogelijk nieuwe bepalingen betreffende de vergoedingen en compensaties voor het laden en lossen van schepen uitgevoerd bij nacht, op een zondag of op een wettelijk feestdag vast te stellen;
   Op de voordracht van Onze Minister van Vervoer,
   Hebben Wij besloten en besluiten Wij :